Je hoort uit de verte al in welk lokaal ze zijn. In een ruim bemeten gymzaal van een voormalige school aan de Schipluidenlaan krijgt groep zeven van de Huizingaschool vandaag circusles. Maar op het programma staan niet alleen salto’s en luchtacrobatiek.
Vrijheid
‘Eigenlijk leren ze voortdurend van alles,’ zegt circusdocent Mijke. ‘Het eerste uur krijgen ze veel vrijheid en kunnen ze hun energie kwijt. Daarna werken we gestructureerd naar een act toe en op het eind geven ze een show, waarbij ze ook verantwoordelijk zijn voor licht, muziek en presentatie. Ze moeten er dan echt staan en onderdeel zijn van een geheel. Maar ze mogen tussendoor ook best in een hoekje zitten. Daar zit je niet voor niets, dat is dan kennelijk nodig.’
Ook in het vrije uur steken de kinderen van alles op. Bilal zit in een van de kleurige, van het plafond in een lus hangende doeken – tissu, in circustaal – en zwiert erop los. ‘Hee juf, ik kan veel harder als ik zit dan als ik sta,’ roept hij, en heeft daarmee een natuurwet ontdekt.
Circuslab
Het Circuslab bestaat sinds 2017 en Samen leren in de wijk is een van de vele activiteiten die er plaatsvinden. Het past uitstekend in de bredere doelstelling: kinderen in Amsterdam West en Nieuw-West stimuleren om creatief te bewegen, en maatschappelijk verschillende groepen bij elkaar brengen. Er zijn inloopcursussen en talententrainingen voor kinderen, en open uren voor iedereen vanaf 15 jaar. Dat alles onder professionele begeleiding en voor weinig geld. ‘Scholen lukt het zelden om een mix te krijgen van kinderen van rijke en arme, witte en zwarte ouders. Hier maken we circus voor iedereen beschikbaar en loopt alles door elkaar heen. Kinderen kunnen hier beter in hun vel gaan zitten en van daaruit hun eigen plek in de wereld verkennen.’ Leren op basis van zelfvertrouwen in plaats van faalangst, een simpel en veelbelovend idee.
Love Nwantiti
In de pauze komt Aya naar Mijke toe. Ze is zo verlegen dat ze haar armen voor haar gezicht doet als ze iets zegt. ‘Ik weet niet wat ik moet doen bij de presentatie,’ fluistert ze. ‘Dat gaan we straks samen uitzoeken,’ zegt Mijke. ‘Jij hebt al veel geoefend in de doeken toch?’ Even later blijkt dat ze daarmee inderdaad goed overweg kan. Mijke laat zien wat er allemaal nog meer kan. Ze wikkelt zich in het doek naar boven en tuimelt dan, afwikkelend, in een serie onnavolgbare bewegingen weer naar beneden. Aya zet grote ogen op en gaat weer aan het werk. Na een half uur loopt ze naar Tugce, die ondersteboven aan een hoepel hangt. ‘Wil je met mij een act doen?’ Tugce wil wel. Aya doet voor hoe je van de lus in het doek een driehoek maakt door er met uitgestrekte benen in te gaan zitten. Het lijkt alsof ze er ieder moment uit kan vallen, maar dat gebeurt niet. Tugce heeft het na een kwartiertje onder de knie. ‘Eigenlijk is dansen mijn hobby,’ zegt ze, ‘maar misschien is dit wel mijn nieuwe talent.’ Voor de presentatie kiezen ze het liedje Love Nwantiti van de Nigeriaanse zanger CKay.
Salto
Een groepje jongens oefent ondertussen trampolinespringen, onder het toeziend oog van moeder en vrijwilliger Zehra. Ze heeft zelf geen kind in deze groep, maar toen meester Soufiane op het schoolplein vroeg of ze hier wilde helpen, leek het haar leuk. En dat is het ook, zegt ze. ‘Ik ben zelf nog nooit in een circus geweest, ik vind het niet goed hoe ze met dieren omgaan. Maar dit is anders. De kinderen leren hier nieuwe dingen, en het is uitdagend voor kinderen die niet veel durven.’
De jongens springen vanaf de kast – een turntoestel – op de trampoline, zo ver mogelijk de lucht in, om dan met ware doodsverachting een salto te maken over de stelt die Zehra bij wijze van lat hooghoudt. Sommigen duikelen alsof ze nooit anders hebben gedaan, anderen springen halfhartig en landen op hun buik. Maakt niet uit, oefening baart kunst. Een jongetje verzwikt zijn enkel; hij slikt zijn tranen in en Zehra vangt hem op met geruststellende woorden en een vochtige handdoek bij wijze van zwachtel. Na tien minuten rent hij weer door de zaal en daagt andere jongens uit, zoals jongens overal en altijd doen. Er vinden steeds kleine krachtmetingen plaats, de verliezers vallen zacht dankzij de dikke matten die de hele zaal bedekken.
Showtime
Tijd voor de show. Een meisje gaat met meester Soufiane naar boven om twee gigantische spots te bedienen; twee jongens ontfermen zich over de laptop met muziek. Vier jongens willen presenteren, vooral omdat ze dan hard door de microfoon kunnen gillen – dat is in ieder geval het resultaat. Na veel geharrewar worden het twee duo’s. ‘Dames en heren, u gaat een leuke show zien. Licht klaar? Deejay klaar? Beginnen maar!’ Aya en Tugce doen een vlekkeloze openingsact. De trampo-boys komen aan het eind; snel achter elkaar tuimelen ze door de lucht. Mijke roept alle vijftien artiesten nog een keer bij elkaar. ‘Over een paar weken maken we bij de laatste les een video van de show, daar gaan we naar toe werken. Volgende keer gaan we vijf trucjes per act oefenen.’ Een video! Tugce gaat snel nog even hoepeltrucs doen. Aya, met rode wangen en haar dat aan alle kanten ontsnapt aan haar lange dikke vlecht, zet twee stapjes op de kabel waarop je kunt leren koorddansen, valt eraf, probeert een eenwieler en tenslotte zelfs de trampoline – heel voorzichtig.
Je ziet ze groeien
Deze lessen geven mij wat ademruimte,’ zegt Soufiane. ‘Volgende week zijn de rapportgesprekken, die kan ik hier nu op mijn laptop voorbereiden. Voor de kinderen betekent het een mooie afwisseling van in de bankjes zitten, maar vooral dat ze een brede, gedifferentieerde ontwikkeling krijgen. Ze gaan ook nog tuinieren, brood bakken, theater maken – allemaal dingen die ze eerst niet kenden. Je ziet ze groeien.’
© Liesbeth Sluiter
